Eerste keer airsoft

Om kwart voor 6 op zaterdagochtend sta ik bij Jochem voor de deur om hem op te halen. We hebben nog een beste rit voor de boeg naar Ulicoten, tegen de Belgisch/Nederlandse grens aan waar we gaan airsoften in het “Dark Forrest”.
Het is voor ons beiden de eerste keer en dus maken we gebruik van de aanbieding van de ACN (Airsoft Club Nederland) in samenwerking met Critical Hit om deel te nemen aan een introductiedag.
Ruim voor 8 zijn we bij de boerderij waar we kunnen parkeren en ons kunnen inschrijven. We zijn een van de laatsten, er lopen al ruim 100 man rond.
We schrijven in en zoeken beiden onze squad op, een groep van 8 man. Jochem zit bij een blauw squad, ik bij de gele. Leuk 🙂 want we spelen dus tegenover elkaar.
Even later loop ik met mijn M16 VN van het merk G&P de schuur in en krijg mijn eerste tip, namelijk schaf een wapentas aan, je mag hem niet open en bloot vervoeren. Ik krijg 2 vuilniszakken aangereikt en verstop hem daar in.

Met een huifkar worden we naar het bos gereden. Eenmaal daar zoeken we een eigen tent op tussen alle andere tenten net buiten de spelzone. Er staat een verkoper van uitrusting en er is een wagen van de organisatie met huurkits e.d.
Daar hoor ik dat ik mijn eigen wapen eerst moet laten meten op snelheid. Het aantal FPS (feet per second) kent een maximum van 360. De meting laat zien dat mijn wapen 412 FPS schiet en ik mag daar niet het speelveld mee in. Bij de verkoper koop ik een lichtere veer om thuis later mee te knutselen.
Tegelijk haal ik bij de organisatie een leen-wapen, gelukkig had ik al voor een volledige huurkit betaald.

Dan is het zover. We zetten de veiligheidsbril op en mogen dan het speelveld in lopen. In het bos krijgen we een briefing en we lopen achter de commander aan naar onze commando post. Eenmaal daar krijgt de groepscommandant instructies voor onze groep en dan lopen we een stuk terug. Binnen 2 minuten hebben we contact met de blauwen en hoor ik om me heen mensen vallen om dekking te zoeken en het elektrische geluid van vurende airsoft wapens.
Ook hoor ik vrij snel aan beide kanten mensen roepen “Hit!”. Ten teken dat ze geraakt zijn en de eerste keer dat dat gebeurd nog door een “medic” mogen worden geholpen om weer door te spelen.
Al vrij snel word ik zelf ook geraakt. Op mijn been, maar toch geldt dat als een volledige hit. De tweede keer raak is overigens teruglopen naar de commandopost en wachten tot je weer wordt afgetikt om het speelveld in te gaan. Uiteindelijk verliezen we aan onze kant best wat terrein maar weten we ons te verschansen in een fort waar we stand houden. Anderen groepen krijgen daardoor de gelegenheid om door te stoten en het schijnt dat we overall gezien aan het winnen zijn.

‘s Middags spelen we enkele andere missies. Intussen heb ik door dat de meeste mensen vrij afwachtend zijn en aansturing zoeken die men bij defensie heel gewend is. Als 2 teammaten dan ook vast zitten met een brancard en onder vijandelijk vuur liggen begin ik dan ook de rol te vervullen van groepscommandant om de mannen daar weg te krijgen. Tot mijn grote vreugde lukt mijn krijgslist van afleiding ook nog en brengen we de brancard naar een veilige plek die we 15 minuten stand moeten houden.

Eind van de middag zit ik met Jochem drijfnat van het zweet na te kletsen onder het genot van veel water. Ik vond het een prachtige kennismaking en aangezien ik alle spullen, inclusief lidmaatschap heb ga ik dit veel vaker doen. Wel goed opletten, want ik voel nu al heel veel drang om allerlei mooie gadgets aan te gaan schaffen die heel slecht zijn voor mijn portemonnee 😉

Kamperen

Tevreden kijkt hij me aan. Tomas.
We zijn net wakker en het is half acht zie ik op mijn telefoon die ik achter me vandaan vis.
Ik vraag hem hoe hij heeft geslapen en hij glimlacht. “Goed”, is alles wat hij zegt.
Dan kruipt hij het tentje uit, zegt nog even snel dat hij gaat plassen en loopt dan op mijn slippers naar het toiletgebouw 50 meter verderop.
Ik kijk hem na. Wat wordt hij al groot. Zes jaar oud en daar wandelt hij zelf over de camping om zijn eigen dingetjes te doen.
We kamperen maar 1 nachtje. Vorig jaar was dat een nachtje in onze eigen achtertuin, op het grasveldje onder de bomen en dit jaar op een camping een half uur van huis. Er is van alles te doen. De camping ligt naast “De Holle Bolle Boom”, een klein speel parkje met zwemgelegenheid. Ongetwijfeld zullen ze zelf echter vinden dat ik ze met die benaming te kort doe.

Gisteren zijn we met het hele gezin aangekomenen hebben we met zijn allen gespeeld, gezwommen en gegeten. Na het eten hebben we Frea en Seb uitgezwaaid en bleven wij achter bij de tent die we ‘s middags al hadden opgezet. Er is geen “trekkersveldje” dus we staan tussen de caravans, naast een grote camper en een gevaarte van een caravan met een voortent aan een voortent. De vrouw die ons naar het plekje begeleid geeft me minutieus instructies hoe ik het tentje moet neer zetten, alsof ik dat nog nooit heb gedaan. Met de ingang naar het veldje toe zodat iedereen “gezellig” naar elkaar kijkt. Ik denk bij mezelf dat ik liever lekker met Tomas knus in een hoekje was gaan zitten op ons zelf in plaats van midden op een veld tussen de giganten, maar glimlach dapper omdat ik haar standpunt wel begrijp. ‘s Avonds zit ik naast het tentje. Op een driepoot stoeltje. Alleen. Het is fris dus iedereen zit “gezellig” in zijn eigen voortent aan een kopje warme koffie te dobbelen of te kaarten en ik koekeloer naar een leeg veld.

Na het ontbijt (Tomas: chips) op het kleed voor de tent en het douchen samen gaan we naar de speelgelegenheid op Tomas verzoek want hij wil vandaag alleen maar leuke dingen doen. Terwijl hij zich moe rent zit ik lekker met een espresso na te denken over wat ik anders zou doen de volgende kampeertrip.
In elk geval: naar een camping met trekkersveld. Dat scheelt behoorlijk in de kosten ook want ik betaalde net zo veel als mijn buurman met zijn caravan met dubbele voortent. Ik wil ook niet meer naar een camping waar alles 100% geregeld is. Zo 100% dat er ‘s nachts iemand constant over het terrein fietst voor… tja, waarvoor eigenlijk?
Verder zal ik zeker opnieuw iets doen waar er veel te spelen is in de buurt voor Tomas. En misschien volgend jaar 2 nachtjes of wat verder weg. Langzaam opbouwen tot het moment dat we samen met onze rugzak door Zweden of Schotland wandelen, waarschijnlijk schouder aan schouder met Seb. Maar dat duurt nog een paar jaar. Voorlopig nog flink wat jaren lekker spelen en groot worden. En natuurlijk onze 2 weken kamperen in Frankrijk deze zomervakantie. Met het hele gezin!

Thuis zegt hij voor het slapen nog: er is niemand die alleen met zijn papa heeft gekampeerd he papa? Ik glimlach. Zo is het vast, jongen.